Langdurige blootstelling aan toxische stoffen in reguliere afwasmiddelen heeft zelden een direct, acuut effect. Het risico zit niet in één keer afwassen, maar in de dagelijkse, herhaalde blootstelling via huidcontact, inademing en indirecte inname via borden en bestek.
Veel afwasmiddelen bevatten sterke reinigende stoffen die vetten afbreken. Dat is functioneel voor vuil, maar diezelfde eigenschap tast ook de natuurlijke vetlaag van de huid aan. Bij herhaald contact kan dit de huidbarrière verzwakken, waardoor de huid droger, gevoeliger en meer doorlaatbaar wordt. Een beschadigde huidbarrière laat niet alleen meer vocht ontsnappen, maar ook gemakkelijker andere chemische stoffen binnendringen, wat het immuunsysteem continu licht kan activeren.
Daarnaast bevatten veel conventionele afwasmiddelen synthetische geurstoffen en conserveermiddelen. Van een deel van deze stoffen is bekend dat ze het hormonale systeem kunnen verstoren. Ze kunnen zich gedragen als hormoonachtige stoffen in het lichaam en zo subtiele effecten hebben op onder andere de schildklierfunctie en hormonale balans. Dit gebeurt niet plotseling, maar door opstapeling bij langdurige blootstelling.
Hoewel afwasmiddel niet bedoeld is om in te nemen, komt indirecte inname wel degelijk voor. Microrrestanten kunnen achterblijven op borden, pannen en bestek, vooral bij plastic of poreuze materialen.
Deze kleine hoeveelheden worden dagelijks meegegeten. Het gaat om lage doseringen, maar juist die chronische blootstelling staat centraal in toxicologisch onderzoek naar cumulatieve belasting van het lichaam.
Wat daarbij vaak wordt vergeten, is dat het lichaam deze stoffen moet verwerken en uitscheiden. Lever, nieren en darmen spelen hierin een centrale rol. Bij voortdurende blootstelling kan dit extra belasting geven, vooral bij mensen die al gevoelig zijn, zoals jonge kinderen, zwangere vrouwen of mensen met een kwetsbaar ontgiftingssysteem.